Ook partner worden?

Zorgverleners als second victim na een medisch incident

Laatst bewerkt: 15 mei 2018

Zorgverleners als Second Victim na medisch incident

Of het nu gaat om slecht-nieuwsgesprekken of patiënten die achteruitgaan en komen te overlijden, zorgverleners worden in hun werk regelmatig geconfronteerd met emoties van patiënten en familie of naasten. Ze hebben veel ervaring met emoties en zijn gewend ermee om te gaan. Maar niet als het gaat om emoties die ontstaan nadat de zorgverlener zelf een fout heeft gemaakt. Zorgverleners ervaren dan gevoelens van angst, onzekerheid, schaamte en zelfs eenzaamheid. Natuurlijk zijn patiënten na een medisch incident first victims, maar ook de betrokken zorgverleners zijn slachtoffers, zogenaamde second vicitims.

Deze blog beschrijft welke acties genomen kunnen worden om zorgverleners die betrokken zijn geweest bij een incident beter te ondersteunen. Belangrijk hierbij is het creëren van een veiligheidscultuur, waarin openlijk gepraat kan worden over incidenten. 

Second victim

Professor Albert Wu is internist in het Johns Hopkins Hospital (1000 bedden, 2000 medisch specialisten en 10.000 verpleegkundigen) in de staat Maryland (VS). Professor Albert Wu heeft de problematiek van second vicitims in 2000 internationaal op de agenda gezet.

Er is al langer aandacht voor incidenten in de zorg, maar sinds kort komt langzaam het besef dat een medisch incident een enorme impact kan hebben op zorgverleners. Zo heeft Professor Albert Wu  in 2000 het begrip second vicitims internationaal op de agenda gezet.

“Zorgverleners ervaren na een incident langdurig angst of vertonen kenmerken van post traumatische stress.”

Second victims

Het komt voor dat zorgverleners langdurig angstig zijn of zelfs kenmerken van een posttraumatisch stresssyndroom vertonen. Ze stoppen vaak met hun beroep, melden zich ziek met burn-out klachten of blijven langere tijd rondlopen met suïcidale gedachten. Binnen ziekenhuizen heerst geen cultuur waarin openlijk wordt gesproken over incidenten of fouten, maar hier is een verandering gaande. Er ontstaat bewustzijn dat het belangrijk is om hulpverlening rondom second victims te organiseren. Het grootste deel van de zorgverleners herstelt gelukkig. Maar het herstel verloopt niet zonder slag of stoot. Slaapproblemen, stemmingswisselingen, concentratieproblemen, gevoelens van onzekerheid en het dwangmatig herhalen van het incident zorgen voor een tijdelijk disfunctionerende zorgverlener. Dit vormt een risico voor de patiëntveiligheid.

"Tijdelijk disfunctionerende arts vormt risico voor de patiëntveiligheid."

Veiligheidscultuur

Zorgverleners schamen zich vaak over de gemaakte fout en worden onzeker over hun functioneren en kwaliteiten. Ze zijn bang voor verwijten van patiënten en eventuele nabestaanden, voor reputatieschade van henzelf, de afdeling of het ziekenhuis. En voor eventuele klachtenprocedures en tuchtzaken.

Doordat in de beroepscultuur hier niet of nauwelijks over wordt gesproken, bestaat de kans dat de zorgverlener zich gaat isoleren. Als er geen open cultuur (oftewel Just-culture) heerst binnen een organisatie hebben collega’s vaak de neiging de zorgverlener te negeren in plaats van te ondersteunen. Met als gevolg dat de zorgverlener zich nog meer terugtrekt en meer zal lijden onder de gevolgen van second victim.

“Het past niet in de beroepscultuur om fouten te maken, laat staan er over te praten of hulp te vragen.”

Analyse na medisch incident

Het gevoel van falen wordt versterkt doordat in de gezondheidszorg het ontstaan van een calamiteit of incident vaak wordt afgedaan als een menselijke fout. In tegenstelling tot de luchtvaart waar ieder incident tot de kleinste details, zoals de technische componenten, wordt onderzocht. Uitgebreide incident-analyse kan bijdragen in het vaststellen van de basisoorzaken van het ontstaan van een incident. Het maakt inzichtelijk dat de oorzaken van de gemaakte fouten vaak buiten de zorgprofessionals liggen. Namelijk in de wijze waarop de zorg is georganiseerd. Deze kennis kan het schuldgevoel met betrekking tot de gemaakte fout bij de arts verminderen of zelfs wegnemen.

“Wij blijven in de reflex hangen de mens als oorzaak aan te wijzen. We wijzen een schuldige aan en daarmee is de kous af."

Peer-support door collega's

Uit onderzoek in de Verenigde Staten blijkt dat het overgrote deel van de zorgverleners dat betrokken is geweest bij een calamiteit behoefte heeft aan steun. Slechts een klein percentage bleek deze steun ook daadwerkelijk te hebben ontvangen van de organisatie. De meerderheid van de zorgverleners gaf aan steun te willen van een collega en niet van de afdeling Maatschappelijk Werk of Psychologie. Hoewel er geen cijfers bekend zijn, is er geen reden om te denken dat deze behoefte in andere landen anders zal zijn. Zorgverleners zullen niet gauw zelf aangeven dat ze zich onzeker of ongelukkig voelen na een ernstige fout. Ervaring van een ziekenhuis in Groningen leerde dat zorgverleners zich niet zelf melden. De speciaal hiervoor opgerichte afdeling Maatschappelijk Werk werd nauwelijks bezocht. Zij hebben hiervan geleerd dat het van belang is de hulp proactief aan te bieden door collega zorgverleners.

“De meerderheid van de zorgverleners gaf aan steun te willen ontvangen van een collega-arts.”

Daarom heeft het ziekenhuis Peer-supportprogramma’s ingericht waar speciaal opgeleide zorgverleners, verpleegkundigen en paramedici worden getraind om collega’s die betrokken zijn geweest bij een medische fout op te vangen en om ervaringen uit te wisselen. Bij iedere melding van een calamiteit wordt gevraagd naar de namen van de betrokkenen, zodat zij proactief benaderd kunnen worden voor peer-support.

Wat leren we hiervan?

Een gedegen onderzoek met de PRISMA-methode draagt bij aan het vaststellen van de basisoorzaken van het ontstaan van een incident. Dieperliggende oorzaken worden zichtbaar gemaakt.

De schuldvraag is hierbij minder relevant, waardoor een groot deel van het schuldgevoel weggenomen wordt. Bovendien draagt gedegen onderzoek naar de oorzaken van incidenten bij aan bewustwording. Zorgverleners leren inzien dat de wijze waarop de zorg is georganiseerd een “menselijke fout” kan veroorzaken.

Meer informatie over PRISMA-analyse? Lees de blog: Elke fout is een kans de zorg veiliger te maken.

Bij een calamiteitmelding kan proactieve steun aan de betrokken zorgverleners gevoelens van second victim voorkomen. Door in het meldformulier te vragen naar de betrokken zorgverleners kunnen zij actief worden benaderd met een peer-support programma.

Door middel van een veiligheidscultuur (oftewel een just culture), waar openlijk wordt gepraat over incidenten, kan de zware last van zorgverleners die een fout hebben begaan verminderd worden. Het kan isolatie voorkomen en de omgang met emoties bevorderen.

Meer weten over de interventies die je kunt inzetten voor een cultuuromslag? Download het e-book “Veiligheid maak je samen!” over het realiseren van cultuurveranderingen in de zorg.

e-book Veiligheidscultuur

Wendy Rientjes, 2017

Bronnen

Kiers, B. (2017, January 13). Steun aan second victims levert ziekenhuis miljoen.

Kluin-Nelemans, J. C., Kamminga, Y. J., & Erwich, J. J. H. M. (2016, June). Ervaring met peer-supportprogramma UMCG. KIZ, pp. 4-7.

Wisman, R. (2017, January 13). Leren van incidenten. Retrieved from https://www.artsenauto.nl/leren-van-incidenten/ 

Is deze blog ook interessant voor een collega? Deel gerust. 

Onze specialisten helpen je graag verder

Heb je een inhoudelijke vraag over kwaliteit- en risicomanagement? Of wil je meer weten over de mogelijkheden met onze software? We horen graag van je.
Contact opnemen